Home Bevalling Weeën en ontsluiting

Zo verloopt een bevalling

4 minuten lezen · bijgewerkt 8 november 2026

Hoe een bevalling precies gaat, weet je pas als je er middenin zit. Elke bevalling is anders. Toch verloopt de meeste wel volgens hetzelfde patroon. Als je de fases kent, weet je beter wat er gebeurt en waarom. Dat kan rust geven, ook als het anders loopt dan je had gedacht.

In het kort

  • Bij ongeveer 9 van de 10 vrouwen begint de bevalling met weeën, bij 1 van de 10 met gebroken vliezen.
  • Een eerste bevalling duurt gemiddeld 12 tot 24 uur, een volgende 6 tot 12 uur.
  • De ontsluiting loopt tot 10 centimeter. Daarna begint het persen.
  • Persen duurt bij een eerste kind gemiddeld één tot twee uur.
  • De placenta komt meestal binnen 30 minuten na de geboorte.

Voorbereiding: de laatste weken

In de laatste weken van je zwangerschap bereidt je lichaam zich voor. Je kunt voorweeën voelen: onregelmatige, korte samentrekkingen die vooral ongemakkelijk zijn. Ze kunnen vanzelf weer stoppen. Soms verlies je de slijmprop, een stukje taai slijm uit je vagina. Dat betekent dat je lichaam bezig is, maar het kan daarna nog dagen of zelfs weken duren voordat de bevalling echt begint.

Hoe begint de bevalling?

Bij ongeveer 9 van de 10 vrouwen begint de bevalling met weeën. Eerst zijn ze vaak onregelmatig, later worden ze regelmatiger, langer en sterker. De vliezen breken dan meestal pas later.

Bij ongeveer 1 van de 10 vrouwen breken eerst de vliezen. Je verliest dan vruchtwater, soms met een plens en soms druppelsgewijs. De weeën beginnen daarna vaak binnen een paar uur, maar soms duurt het een paar dagen.

De fases van de bevalling

1. De latente fase

In deze fase wordt je baarmoedermond zachter, korter en schuift hij naar voren. Hij maakt zich klaar om open te gaan. De weeën zijn nog onregelmatig. Deze fase kan kort zijn, maar ook lang: bij een eerste bevalling duurt hij vaak tien uur of langer. Probeer in deze fase zoveel mogelijk te rusten, te eten en te drinken.

2. De actieve fase

De weeën worden regelmatig, komen vaker en duren langer. Je baarmoedermond gaat verder open. Samen met de latente fase heet dit de ontsluitingsfase. Die eindigt als je volledige ontsluiting hebt: 10 centimeter. Hoe lang dat duurt, verschilt heel erg per vrouw.

3. De overgangsfase

Dit is de overgang van ontsluiting naar persen. De weeën zijn nu het sterkst. Soms komen ze juist langzamer, met langere pauzes. Dat betekent niet dat de bevalling stilvalt. Je mag rustig wachten tot je persdrang voelt.

4. De persfase

Bij volledige ontsluiting voel je persdrang. Dat voelt een beetje alsof je moet poepen. Met elke perswee help je je baby verder naar buiten, tot hij of zij geboren wordt. Bij een eerste kind duurt dit gemiddeld één tot twee uur, bij een volgend kind vaak korter.

5. De nageboorte en het gouden uur

Na de geboorte komt de placenta naar buiten, meestal binnen 30 minuten. Het eerste uur na de geboorte wordt ook wel het gouden uur genoemd: tijd om bij te komen, je baby huid op huid bij je te hebben en eventueel voor het eerst te voeden.

Hoe lang duurt een bevalling?

Een eerste bevalling duurt gemiddeld 12 tot 24 uur, een volgende 6 tot 12 uur. Dat zijn gemiddelden: de ene bevalling gaat veel sneller, de andere duurt langer. Een bevalling kan onverwacht versnellen of juist even vertragen.

Wanneer bel je je verloskundige?

Tussen 30 en 36 weken bespreekt je verloskundige je persoonlijke belinstructies. Die kunnen per regio en per situatie verschillen, dus houd je aan wat zij met jou afspreekt. Over het algemeen bel je:

  • bij regelmatige weeën die krachtiger worden en niet minder worden door een warme douche, rust of paracetamol;
  • als je vliezen breken. Noteer het tijdstip en kijk naar de kleur. Helder vruchtwater is normaal. Is het geel, groen of bruin? Bel dan meteen.
  • bij helderrood bloedverlies, of bloed met stolsels. Wat roze of bruin slijm is tijdens de ontsluiting normaal.

Bel altijd direct bij minder of geen beweging van je baby, bij weeën of gebroken vliezen vóór 37 weken, als je je ernstig onwel voelt, of bij aanhoudende hoofdpijn, sterretjes zien en een bandgevoel onder je ribben. Twijfel je? Bel. Je verloskundige is 24 uur per dag bereikbaar.

Wat als het anders loopt?

Soms is er een reden om de zorg over te dragen aan het ziekenhuis, bijvoorbeeld omdat de bevalling niet goed vordert, omdat je pijnbestrijding wilt of omdat het vruchtwater niet helder is. Dat betekent niet meteen dat er iets mis is. Een klinisch verloskundige of gynaecoloog neemt het dan over. Lees ook pijnbestrijding bij de bevalling en je bevallingsplan maken.

Bronnen

De Verloskundige (KNOV): Verloop van een bevalling, de fases
De Verloskundige (KNOV): Belinstructies, wanneer bel je de verloskundige?
Thuisarts: Hoe merk ik dat ik ga bevallen?

Meer over bevalling

Alles over bevalling