Home Bevalling Pijnbestrijding

Pijnbestrijding bij de bevalling: wat zijn je opties?

5 minuten lezen · bijgewerkt 8 november 2026

Een bevalling doet pijn. Hoeveel, en hoe je daarmee omgaat, verschilt per vrouw en per bevalling. Er zijn veel manieren om de pijn draaglijker te maken, met en zonder medicijnen. Het helpt om vooraf te weten wat er kan, zodat je tijdens de bevalling niet voor verrassingen staat. En: je mag altijd van gedachten veranderen.

In het kort

  • Zonder medicijnen helpen steun, ademhaling, bewegen, warmte en een douche of bad.
  • De ruggenprik werkt het best en het langst, maar je krijgt hem alleen in het ziekenhuis.
  • Remifentanil werkt snel, haalt de pijn niet helemaal weg en wordt na 2 tot 4 uur minder effectief.
  • Lachgas kan in het ziekenhuis en in sommige geboortecentra.
  • Bespreek je wensen vooraf met je verloskundige, en vraag wat er kan in jouw ziekenhuis.

Zonder medicijnen

Veel vrouwen beginnen met dingen die ze zelf kunnen doen. Dat werkt vaak goed, zeker in het begin van de bevalling.

  • Steun: iemand die bij je blijft, je geruststelt en vraagt wat je nodig hebt. Dat kan je partner zijn, maar ook een doula.
  • Ademhaling en ontspanning: je kunt technieken leren tijdens een zwangerschapscursus.
  • Warm water: een warme douche of een bad helpt je ontspannen tussen de weeën door. Niet elk ziekenhuis heeft een bad.
  • Bewegen en houdingen: rondlopen, op een bal zitten, op handen en knieën. Thuisarts raadt aan om niet te veel in bed te blijven liggen.
  • Warmte en afleiding: een warmtekussen op je onderrug, muziek, een massage.
  • TENS: een apparaatje dat via plakkers op je onderrug kleine stroomstootjes geeft. Je kunt het huren en thuis gebruiken. Het is niet geschikt als je een hartritmestoornis, epilepsie of pacemaker hebt.
  • Steriele waterinjecties: vier kleine prikjes met steriel water in je onderrug. Ze helpen redelijk goed bij rugpijn, 45 minuten tot 2 uur. Een verloskundige kan ze thuis, in een geboortecentrum of in het ziekenhuis geven.

Met medicijnen

Voor pijnbestrijding met medicijnen ga je naar het ziekenhuis. Een klinisch verloskundige of gynaecoloog neemt dan je begeleiding over. Lachgas is een uitzondering: dat kan in sommige geboortecentra ook.

Ruggenprik

Bij een ruggenprik brengt een anesthesioloog een dun slangetje in je onderrug. Daardoor krijg je een verdovend middel dat de zenuwen van je bekken en baarmoeder verdooft. Het slangetje zit aan een pompje, zodat je bij kunt krijgen als de pijn terugkomt.

Wat het doet: de ruggenprik werkt binnen 5 tot 15 minuten. De pijn wordt veel minder of verdwijnt bijna helemaal. Van alle middelen werkt hij het best en het langst, en je wordt er niet suf van.

Nadelen:

  • Je kunt minder bewegen en mag niet uit bed, niet naar het toilet en niet in bad of onder de douche. Vaak krijg je een katheter.
  • Je bloeddruk kan dalen, waardoor je misselijk of duizelig wordt. Daarom krijg je extra vocht via een infuus en wordt je bloeddruk regelmatig gemeten.
  • Je kunt koorts krijgen. Dan krijg je vaak antibiotica, wordt je baby door de kinderarts gecontroleerd en blijven jullie minstens 24 uur in het ziekenhuis.
  • De bevalling kan langzamer gaan. Het persen duurt gemiddeld een kwartier langer, en de kans op een vacuümverlossing of keizersnede is groter.
  • Na de bevalling kun je soms flinke hoofdpijn krijgen.

Remifentanil

Remifentanil is een sterk, morfine-achtig middel dat je via een infuus in je hand krijgt. Je drukt zelf op een knop als je een wee voelt aankomen. Het werkt binnen 90 seconden en je kunt maximaal eens per drie minuten drukken.

Wat het doet: het maakt je rustiger en haalt de scherpe kant van de pijn af, maar neemt de pijn niet helemaal weg. Na 2 tot 4 uur werkt het minder goed, omdat je lichaam eraan went. Het is vooral een optie als je verwacht binnen een paar uur te gaan persen. Zodra je gaat persen, gaat het pompje uit.

Nadelen: je kunt suf worden en minder van de bevalling meekrijgen. Je ademhaling kan vertragen, waardoor je soms extra zuurstof nodig hebt. Je zuurstof, hartslag en bloeddruk worden bewaakt, net als de hartslag van je baby. Het middel gaat door de placenta: krijg je het kort voor de geboorte, dan kan je baby wat slap en suf geboren worden en hulp nodig hebben met ademen.

Lachgas

Lachgas adem je in via een kapje over je neus en mond. Jij bepaalt wanneer. Het werkt snel en kort, maakt je een beetje suf en helpt je ontspannen. Het helpt redelijk goed. Je kunt het krijgen in het ziekenhuis en in sommige geboortecentra.

Pethidine

Pethidine is een morfine-achtig middel dat je via een prik in je bil of bovenbeen krijgt. Veel vrouwen hebben er weinig baat bij en vinden de bijwerkingen vervelend. Verloskundigen en artsen raden het daarom meestal niet aan.

Bespreek het vooraf

Niet elk ziekenhuis biedt alle vormen van pijnbestrijding aan. Vraag je verloskundige wat er kan in het ziekenhuis bij jou in de buurt, en wat de voor- en nadelen zijn. Bevalt je thuis of in een geboortecentrum, dan moet je voor de meeste medicijnen naar het ziekenhuis. Reken dus op wat reistijd.

Thuisarts heeft een keuzehulp over omgaan met pijn tijdens de bevalling. Die helpt je om op een rij te zetten wat jij belangrijk vindt. Zet je wensen ook in je bevallingsplan.

En onthoud: wat je vooraf bedenkt, is geen belofte. Wil je tijdens de bevalling toch iets anders? Dan zeg je dat gewoon.

Bronnen

Thuisarts: Ik denk na over wat ik kan doen bij pijn tijdens de bevalling
De Verloskundige (KNOV): Ruggenprik
De Verloskundige (KNOV): Remifentanil (morfinepompje)

Meer over bevalling

Alles over bevalling