Je kunt niet elke dag van de maand zwanger worden. Er is een korte periode waarin de kans het grootst is: de dagen rond je eisprong. Als je weet hoe je cyclus werkt, kun je die dagen beter inschatten. In dit artikel lees je hoe dat zit, en welke hulpmiddelen er zijn.
In het kort
- Je eisprong is meestal ongeveer 14 dagen vóór je volgende menstruatie.
- Je hebt de meeste kans als je vrijt in de dagen vlak voor je eisprong.
- Zaadcellen leven 2 à 3 dagen, een eicel maar 12 tot 24 uur.
- Om de 2 à 3 dagen vrijen is meestal genoeg, ook als je je eisprong niet precies weet.
- Een ovulatietest meet het hormoon LH, dat 1 à 2 dagen vóór je eisprong piekt.
Zo werkt je cyclus
Je cyclus begint op de eerste dag van je menstruatie en loopt tot de dag vóór je volgende menstruatie. Gemiddeld duurt een cyclus 28 dagen, maar alles tussen 21 en 35 dagen is normaal.
In de eerste helft van je cyclus rijpt er in een van je eierstokken een eicel. Rond het midden komt die eicel vrij: dat is je eisprong, of ovulatie. De eicel reist dan via de eileider naar de baarmoeder. Wordt hij onderweg bevrucht, dan kan hij zich innestelen in het baarmoederslijmvlies. Gebeurt dat niet, dan word je ongeveer twee weken later ongesteld.
Wanneer is je eisprong?
De tijd tussen je eisprong en je volgende menstruatie is bij de meeste vrouwen vrij vast: ongeveer 14 dagen. Het eerste deel van je cyclus kan meer verschillen. Daarom reken je terug vanaf je volgende menstruatie, niet vooruit vanaf de vorige.
Een paar voorbeelden:
- Cyclus van 28 dagen: eisprong rond dag 14.
- Cyclus van 32 dagen: eisprong rond dag 18.
- Cyclus van 25 dagen: eisprong rond dag 11.
Een handige tip van Thuisarts: schrijf de eerste dag van elke menstruatie op, in je agenda of in een app. Na een paar maanden zie je hoe lang jouw cyclus meestal is, en kun je je eisprong ongeveer berekenen.
Je vruchtbare dagen
Een eicel kan na de eisprong maar kort bevrucht worden, ongeveer 12 tot 24 uur. Zaadcellen leven langer: 2 à 3 dagen in de baarmoeder. Daarom heb je de meeste kans als je vrijt in de dagen vóór je eisprong, zodat er al zaad klaarligt. Thuisarts noemt de zes dagen vóór je eisprong als je vruchtbare periode.
Je hoeft dus niet op de dag van je eisprong zelf te vrijen. Om de 2 à 3 dagen vrijen zorgt ervoor dat je die dagen altijd meepakt.
Hoe merk je je eisprong?
Sommige vrouwen merken weinig van hun eisprong, anderen herkennen een paar signalen:
- meer helder, rekbaar slijm uit je vagina, een beetje zoals rauw eiwit;
- een lichte pijn of kramp aan één kant van je onderbuik;
- een klein beetje bloedverlies;
- meer zin in seks.
Deze signalen zijn handig, maar niet waterdicht. Niet iedereen heeft ze, en ze zijn niet elke maand even duidelijk.
Hulpmiddelen: ovulatietest en temperatuur
Ovulatietest. Een ovulatietest meet het hormoon LH in je plas. Dat hormoon piekt 1 à 2 dagen vóór je eisprong. Je test een aantal dagen achter elkaar, rond de tijd dat je je eisprong verwacht. Een positieve test betekent: nu is een goed moment.
Temperatuur meten. Na je eisprong stijgt je lichaamstemperatuur met 0,3 tot 0,5 graden. Je meet elke ochtend voordat je opstaat. Het nadeel: je ziet de eisprong pas achteraf, en een slechte nacht of een verkoudheid kan de meting verstoren. Het is vooral handig om na een paar maanden te zien of en wanneer je een eisprong hebt.
Merk je dat al dat meten en plannen spanning geeft? Dan mag je het ook loslaten. Regelmatig vrijen werkt net zo goed.
Wat als je cyclus onregelmatig is?
Bij een onregelmatige cyclus is je eisprong lastig te voorspellen. Word je maar af en toe ongesteld, dan is niet zeker dat je elke maand een eisprong hebt. Ben je een half jaar niet ongesteld geweest, dan is de kans groot dat je in die tijd geen eisprong had.
Stress, heel hard sporten, zwaar werk, snel veel afvallen, ondergewicht en overgewicht kunnen allemaal je eisprong verstoren. Twijfel je of je een eisprong hebt? Dan hoef je niet een jaar te wachten: maak gerust eerder een afspraak met je huisarts.
Wanneer naar de huisarts?
Ga naar de huisarts als je een jaar regelmatig vrijt en nog niet zwanger bent, of eerder als je niet weet of en wanneer je een eisprong hebt. Lees ook zwanger worden: zo vergroot je je kans.
Bronnen
Thuisarts: Ik wil zwanger worden, wanneer ben ik vruchtbaar?
De Verloskundige (KNOV): Alles over vruchtbaarheid en zwanger worden
De Verloskundige (KNOV): Tips om zwanger te worden